
Gepubliceerd op 20 juli 2026

Gepubliceerd op 20 juli 2026
De kwestie
De aanleg van een nieuwe woonwijk. Aannemers A en B op het project hebben afzonderlijke CAR-verzekeringen afgesloten. De afzonderlijke CAR-verzekerde fases volgen elkaar op.
Aannemer A realiseert in de bouwrijp maken fase de bouwwegen en het riolering systeem voor de wijk. Aannemer B komt daarna voor de bouw van de woningen. Na de bouwfase zal aannemer A het stokje weer overnemen voor fase van definitieve bestrating en het turn-key opleveren van de infrastructuur aan de gemeente. Echter voor de start van die fase blijkt er inmiddels schade te zijn opgetreden aan de aangelegde riolering. Aannemer A staat onder druk om snel te herstellen omdat de tijdige turn-key oplevering niet in gevaar mag komen. Aannemer A meldt de schade aan bij haar CAR-verzekeraar en gaat over tot herstel, kosten ruim € 140.000. De CAR-verzekeraar van Aannemer A wijst dekking af omdat onderzoek van de schade zou uitwijzen dat die schade niet in de eerste CAR-verzekeringsperiode van aannemer A zou kunnen zijn ontstaan en uiteraard ook niet in de laatste fase (die was nog niet gestart). Aannemer A verzoekt daarom aan aannemer B om de schade bij diens CAR-verzekeraar aan te melden waarna de beide CAR-verzekering het maar moeten uitvechten. Want tenslotte zijn alle fase gedekt door enige CAR-verzekering gedekt! Aannemer B betwist alles en weigert de schade aan te melden met de stelling dat aannemer A hem niet kan verplichten aan te melden.
Het oordeel
De rechtbank Rotterdam wees aannemer B terecht en oordeelde dat in een situatie dat er sprake is van op elkaar aansluitende CAR-verzekeringen aannemer B zich de belangen van aannemer A had moeten aantrekken door aan te melden. De rechtbank ging mee in onze stelling dat aannemer B “naar maatstaven van zorgvuldigheid zich de belangen van aannemer A had moeten aantrekken” en het schadegeval waarmee aannemer A werd geconfronteerd wel degelijk had moeten aanmelden bij de eigen CAR-verzekeraar. De rechtbank oordeelde dat aannemer B nu de schade die haar verzekeraar bij wel aanmelden zou hebben vergoed aan aannemer A moest vergoeden. Aannemer B werd ook terecht in de fikse proceskosten veroordeeld. Voor het vaststellen van de hoogte van de totale te vergoeden schade werd de zaak verwezen naar een zogeheten schadestaat-procedure. Zover is het echter niet gekomen: de partijen zijn na het vonnis in overleg gegaan en hebben de zaak inmiddels geschikt.
De les
Deze uitspraak is relevant voor iedere partij die betrokken is bij een bouwproject met verschillende CAR-verzekeringen. Klopt aan andere aannemer aan wegens gebleken schade die buiten diens CAR-verzekering periode valt, dan kan het een dure vergissing zijn om die collega aannemer de deur te wijzen met ‘dat is niet mijn probleem’. Leg het toch voor aan je verzekering tussenpersoon. Niet melden met de gedachte ‘ík sta er buiten’ kan dure gevolgen hebben.
Tip voor de praktijk: Liever één melding te veel dan achteraf aansprakelijk zijn voor het nalaten. En wat betreft eigen risico: het lukt vast om in zo een situatie af te spreken: ik meld, maar vergoedt dan wel mijn eigen risico.

Peter Ruysch
ruysch@ebhlegal.nl
06 24 691 879
Gratis telefonisch intakegesprek
Wil je weten wat wij voor je kunnen betekenen? Neem vrijblijvend contact met ons op!

