
Gepubliceerd op 17 februari 2026

Gepubliceerd op 17 februari 2026
De vraag die mij de afgelopen jaren het meest is gesteld is:
“Hoe kun je nu iemand verdedigen van wie je weet dat hij het heeft gedaan?”
Feit is dat er nog nooit een cliënt is geweest die me dit heeft gevraagd en misschien ligt daar ook wel het antwoord.
Wellicht moet je zelf eerst verdachte zijn geweest om te weten wat dat betekent en wat dat met je doet. Wat denk je dat het met je doet als er bijvoorbeeld in de media al volop over jouw zaak wordt gesproken en gespeculeerd terwijl je zelf nog niet eens een verklaring hebt afgelegd?
Nadat je als verdachte bent aangehouden, heb je – om een voorbeeld te noemen – niet meer de beschikking over je telefoon of je agenda die je anders 24/7 bij je hebt. Je kunt niet meer even iets op je computer of IPad opzoeken of even met je familie, je compagnon of je werkgever bellen.
Die eerste uren na je aanhouding moet je vooral wachten. Je wacht totdat de recherche zo ver is om je als verdachte te horen en je te confronteren met onderzoeksresultaten. Vaak wil je duidelijkheid over wanneer je een verklaring kunt afleggen en of anderen al een verklaring hebben afgelegd, wie dat zijn en wat zij dan hebben verklaard. Je wilt graag weten hoelang je op het bureau moet blijven en wanneer je weer mag bellen. Je hebt op dat moment veel van dat soort vragen. Het afwachten, de onduidelijkheid en onzekerheid terwijl je je in een lege vreemde ruimte, in een cel – zonder telefoon – bevindt, doen iets met je.
Het inzetten van dwangmiddelen zoals een aanhouding, heeft op de meesten echt wel de nodige impact.
Je denkt wellicht dat je nooit in een zo’n situatie terecht gaat komen, maar ik kan je wel zeggen dat meer dan de helft van de verdachten die ik de afgelopen jaren heb bijgestaan diezelfde gedachte hadden.
Inmiddels weet ik dat echt iedereen verdachte in een strafzaak kan worden.
Zo waren cliënten soms nog maar 14 of 15 jaar jong en was de oudste cliënt echt hoogbejaard.
Sommigen waren dakloos en anderen woonden in riante villa’s. Ook het IQ van cliënten varieerde sterk, van zwakbegaafd tot hoogbegaafd.
Sommigen hadden te kampen met verslavingsproblematiek. Anderen waren bekend met psychische of verstandelijke beperkingen. Sommigen hadden een gelukkige en zorgeloze jeugd gehad, terwijl anderen een zwaarbelast verleden hadden. Sommigen zaten in de bijstand, terwijl anderen een goede baan hadden of zelfstandig ondernemer waren.
De ene cliënt werd door een bus van justitie naar de zitting op de rechtbank gebracht, terwijl de andere zijn auto van meer dan een ton om de hoek van het gerechtsgebouw parkeerde. Soms zat een cliënt in een t-shirt uren in een cel in het gerechtsgebouw te wachten voordat hij de zittingszaal werd binnengebracht, terwijl de andere cliënt in een duur maatpak 5 minuten vóór tijd met een koffie to go in de hand de rechtbank kwam binnenlopen.
De verschillen tussen alle cliënten in de strafpraktijk zijn tot op de dag van vandaag nog steeds ontzettend groot. Ze hebben in ieder geval met elkaar gemeen dat ze allemaal door het OM als verdachten werden aangemerkt.
Voor de één was het wellicht de eerste keer, terwijl de andere een justitiële documentatie van tientallen pagina’s had.
Ik ontmoette ze op het politiebureau of op kantoor en stuk voor stuk bevonden ze zich in de kwetsbare positie van verdachte en hadden ze veel vragen en ik kan je zeggen dat die vragen echt heel divers waren.
Maar de vraag “Hoe kun je iemand verdedigen terwijl je weet dat hij het heeft gedaan?” is me de afgelopen 18 jaar nog nooit door een cliënt gesteld, dus ik durf wel de conclusie te trekken dat je zelf verdachte moet zijn geweest om deze vraag niet (meer) te hebben.

Nancy Stolk
stolk@ebhlegal.nl
06 22 633 844
Gratis telefonisch intakegesprek
Wil je weten wat wij voor je kunnen betekenen? Neem vrijblijvend contact met ons op!

